Blogs

2 mei 2020

Ruim drie jaar geleden belandde ik ziek thuis, gevloerd door een burn-out. Terwijl ik thuis zat (de eerste weken lag ik meestal in bed) werd ik me weer bewust van mijn lichaam. Het was uitgeput. Ik was uitgeput. Ik sleepte mezelf naar de yogaschool in de buurt, deed met moeite mee aan de lessen en voelde hoe mijn lichaam tot rust kwam, juist door te bewegen en door goed te ademen. Ik begon in die periode ook te mediteren.

De uren op de yogamat inspireerden me tot het aanbrengen van veranderingen in mijn leven. Ik volgde een opleiding tot yogadocent en ging vervolgens ook lesgeven, en besloot mijn vaste baan vaarwel te zeggen en weer te gaan zzp’en. Dit waren best grote veranderingen, maar de belangrijkste verandering is dat ik beter ben gaan voelen hoe mijn lichaam er aan toe is. Ik ben me meer bewust van mijn lichaam, en daarmee van mezelf.

Onlangs las ik Intimiteit, van klinisch psycholoog Paul Verhaeghe. Hij betoogt daarin op sterke wijze hoe wij mensen vervreemd raken van ons lichaam, en dat dat leidt tot depressie en burn-out. Hij beschrijft hoe het dualisme, in dit geval de scheiding die we aanbrengen tussen lichaam en geest, ons meer kwaad dan goed doet.

Vanwege mijn ervaring met burn-out kan ik het alleen maar met hem eens zijn. Ik ben weer opgekrabbeld omdat ik mijn lichaam niet langer zag als een instrument, een ding dat mijn hoofd van A naar B bracht. Mijn lichaam is mij, mijn lichaam ben ik.